UPDATE #25: HOE LEG JE UIT DAT...

Daar lag ik dan: languit op de grond. Het gesis van een draaiende band. Mijn tas lag een meter of twee links van me vandaan met alle items los verspreid over de grond. Een jongen van een jaar of 12 kijkt me met grote, glazige ogen angstig aan, terwijl ik hem des te angstiger aan kijk. Schichtig kijk ik rechts en links van me vandaan om de situatie te verkennen. Het ging allemaal zo snel. Wat is er in hemelsnaam gebeurd? Algauw zag ik hoe mijn fiets verdraaid en verkreukeld op de grond lag, mijn broek gescheurd was en mijn handen lichtelijk geschaafd. De adrenaline suisde nog door mijn lijf... Oh, nee! Mijn laptop! Het eerste wat in mijn mega materialistisch hoofd omging. Nee, nee, nee, niet mijn macbook. Dus ik schoot overeind, rende naar mijn tas, raapte ondertussen de overige spulletjes van de grond op en trok mijn laptop midden op het kruispunt open. Gelukkig. Laptop ongedeerd. Daarna scande ik mezelf. Geen bloed. Geen wondjes. En als het goed is, doet niets pijn. 
Schrik maakte zich nu plaats voor woede: "hoe háál je het in je hoofd om links te rijden in dit weer!!!!!" - schreeuwde ik. De inner heks in mij kwam tevoorschijn. "Je hebt twee ogen van God gekregen, twee hele ogen!!! Gebruik die dan!!!" Wat ben ik ellendig in mensen terechtwijzen. Het verbaast me trouwens dat ik dat joch niet helemaal verrot heb gescholden, want soms kan ik... nou ja.... anyways. Het kind keek me met grote ogen aan. "Sorry, sorry! Ik zag je toch niet." Ik zag hoe hij trillend en wel friemelde aan een grote tas boodschappen. Shit. Dat kind deed waarschijnlijk boodschappen voor zijn moeder of whatsoever. Woede maakte zich nu plaats voor medelijden. Ik moet hier weg - dacht ik. Ik pakte mijn fiets en spullen op. "Heb je hulp nodig?" - riep een voorbijganger. "Ehh, nee het gaat." In werkelijkheid ging het natuurlijk absoluut NIET goed, maar oh wee dat ik dat zou toegeven. Stel je voor! (soms snap ik mezelf niet). Ik stapte op de fiets en zonder om te kijken reed ik weg. En ja hoor, toen vielen ze. De tranen stroomden over mijn wangen als nooit tevoren. Een kraan ging open en nooit meer dicht. Als een verzopen kat (niet alleen door de tranen, het regende pijpenstelen die dag) kwam ik aan bij de AH. Ik liep regelrecht naar de koelschappen, haalde twee pizza's tevoorschijn en liep naar de kassa. Zie je dit al voor je? Hoe ik huilend met uitgelopen mascara, een kapotte broek, verzopen kleren, emotieloos twee pizza's afreken bij de kassa?  Ik hoop dat er geen bekenden waren in de supermarkt, want hoe leg je dit uit? Hoe leg je uit dat ik pas om zes uur 's avonds uit was van een hele dag snijzaal hersenpracticum? Dat ik daarna snel boodschappen moest doen, aangezien m'n ouders op vakantie waren en ik mijn broertje (en mezelf) niet kan laten verhongeren? Hoe leg je uit dat ik tegenwoordig meer doe dan ik eigenlijk mentaal aan kan? Dat ik teveel hooi op mijn vork heb genomen/neem en daardoor gewoonweg niet meer helder genoeg ben om in de verte reeds te zien dat een jochie door de harde windstoten en zware boodschappentas per ongeluk aan de linkerkant van de rijbaan is komen te staan? Hoe leg je dat uit? Hoe leg je uit dat ik een zware studie volg en ongelooflijk veel verantwoordelijkheden draag? Hoe leg je dat in vredesnaam uit? 
Dit was een wake-up call voor mij: neem een stapje terug! Ik ga te snel, doe te veel. Het mag allemaal een tandje rustiger. Ik ben achttien, maar soms voel ik me veertig. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten