De hekken der conservatisme

Wij - de eerste generatie kinderen van gastarbeiders - zijn een unieke populatie. Als dochters en zonen van analfabeten opgegroeid in een laag sociaal-economisch huishouden, hebben wij de 'eerste keertjes' door de gesloten deuren heen moeten beuken. Althans dat proberen we. Laat ik voor mezelf spreken, de dochter van een gastarbeider, de vijfde uit een reeks van zes kinderen. Geboren midden jaren '90, met een leeftijdskloof van jewelste tussen mijn oudere en jongere broer. Een brein dat overloopt van alles wat ik wil doen in mijn leven, de stappen die ik wil maken. Doelen zo groot als olifanten, met een wilskracht en motivatie zo groot als een mammoet. Ik wil vlammen. Branden. Vuren. Ik wil alle kansen in het leven pakken, nee grijpen, vasthouden en benutten. 

Begonnen met die muur om me heen af te breken. Steen voor steen. De muur die ik door de jaren heen had gebouwd uit angst en onzekerheid. Als puber en gedurende het begin van mijn studententijd was ik de definitie van onzekerheid. Ik durfde niks, kreeg kansen aangeboden waar sommigen over dromen en waar ik resoluut 'nee' op antwoordde. Genoeg, klaar. Zoals ik vaak zeg: ik wil leven op de rand. Tussen het vaste land en de diepe zee. Met mijn adem in en een kloppend hart stappen maken in de wereld. Alleen op die manier voel ik. Alleen op die manier heb ik het idee dat ik leef. Heel veel dingen zijn niet zeker over het leven, maar één ding is glashelder: we gaan allemaal dood. De koning. Kylie Jenner. De paus. Allen zullen we ooit dit wereldse leven verlaten. Dus ik wil leven, elke dag, alsof het mijn laatste dag is. 

Bij het afbreken van mijn eigen muur, de muur der introverte en comfort, stuitte ik op een nog veel groter obstakel. De hekken der conservatisme. Nooit eerder was ik op de hoogte van deze hekken, mijn dikke muur blokkeerde immers het zicht. Vervlochten met oude culturele traditie, ten onrechte in verwarring gebracht met geloof, blokkeren deze hekken alles waar ik mijn 22-jarige bestaan naartoe heb gewerkt. Het is het twintiger bestaan waarin een individu een essentiële ontwikkeling doormaakt op het gebied van identiteit, lange termijn doelen en toekomstplannen. Het is deze ontwikkeling die cruciaal is voor mijn switch van onzekere student naar toekomstige dokter. En het is precies deze ontwikkeling die nu volledig in de soep loopt door stalen, loodzware hekken inclusief prikkeldraad en 24/7 camerabewaking. 

Vrijheid is altijd een belangrijk onderwerp voor mij geweest op deze blog. Ten eerste, omdat we in een wereld leven waar de vrijheid van een mens continu onder druk staat. Mensen ontnemen elkaars het recht op vrijheid in de breedste zin des woord. De vrije wil om te gaan en staan in het leven zoals jij het wilt, het in te richten zoals jij het wilt. De vrije wil om te spreken, te uiten en te voelen. Ten tweede, omdat vrijheid iets is waar mijn ziel naar snakt. Onbewust heb ik jaren geleefd met beperkte vrijheid. Ikzelf ben allereerst de boosdoener van het inperken van mijn vrijheid, daarna op stip nummer twee de hekken der conservatisme. 

Ik ben een jonge vrouw. Geboren in een land met onbeperkte vrijheid en kansen, maar met ketens naar het land van herkomst. Een land vol ouderwetse gedachtegangen en tradities, waar ik niets meer voor voel. Conservatieve ideeën worden opgelegd omdat ze ten onrechte worden toegeschreven aan religie. Laat ik voor eens en voor altijd duidelijk zijn: culturele traditie staat niet gelijk aan religie. Mijn recht om vrouw te zijn, te leven en mijn leven in te delen zoals ik het wil, staat los van mijn geloof. Ik ben een individu. Ik voel niks voor collectivisme. Ik ben niet jij, nooit zal ik jou willen worden en nooit zal ik jou zijn. Ik ben mezelf. Uniek in wie ik ben en waar ik voor sta. Geschapen door God. Laat me gaan. Geef me de sleutel van de hekken, laat me de deuren openen. Ik wil leven.

Oudste broer, luister, jij en ik zijn hetzelfde

Hij is ambitieus op een manier die niet te plaatsen is. Een hardnekkige drang om te bewijzen dat hij het kan, dat hij de beste is. Hij is stil op de momenten dat iedereen honderduit praat. Gesloten als een vergeten boek onder het stof, achtergelaten op de bovenste plank van de bovenkast. Niemand is op de hoogte van het verhaal in dat boek. Zo is ook hij moeilijk te peilen. Nooit heb ik een band met hem kunnen scheppen. Ik was immers 5 jaar toen hij uit huis ging. Jaren gingen voorbij, hoeveel ik ook me best deed, hij was als een vreemde voor me. Geen diepgaande gesprekken. Geen casual contact. Hij kent me niet. Ik ken hem niet. Zo ging ons leven voort. En nu. Gedurende deze specifieke levensfase van me leven, realiseer ik me pas hoeveel wij op elkaar lijken. Wij zijn twee druppels water. Hij is ik, ik ben hij. Nooit is dat kwartje gevallen. Tussen meisje en vrouw, tussen adolescent en jongvolwassen, tussen student en arts... als 22-jarige mij valt alles op z'n plaats. 

De Olifant

Geknield op de grond met mijn handen steunend op het grind, aanschouw ik twee grote, donkere gaten direct in mijn zicht. De ijskoude stilte wordt abrupt onderbroken door een diepe ademteug die zich een weg baant richting de longen in mijn borstkas, wanneer het pas tot me doordringt dat ik tot dan toe nog geen adem had gehaald. De millimeters kleine grindkorrels drukkend tegen mijn handpalmen creëren een weerzinwekkende pijn. Ik verlies mijn evenwicht en val met mijn achterhoofd op de grond. Er is geen tijd om de borende pijn dwars door mijn hoofd te laten bezinken laat staan te couperen, gezien mijn aandacht wordt getrokken door een luidkeelse oerkreet. Ik sta oog in oog met een kolossale, grijszwarte olifant. Haastig maak ik mezelf uit te voeten, proberend weg te rennen van het gevaar. Maar mijn benen zijn als van slijk, geen onderdeel meer uitmakend van mijn lijf. Hoe zeer ik ook vooruit probeer te komen, de olifant lijkt altijd slechts een haar bij mij vandaan te zijn. Zijn warme adem bijtend langs mijn rug als een gifwolk. De oerkreet denderend door mijn tedere trommelvliezen, een piepende nagalm die mij desoriënteert. De weg loopt dood. Mijn hart klopt overal door mijn trillende lijf, een hartslag sneller dan de snelheid van het licht. Ik struikel over mijn eigen voeten en knal op de grond. Ik zak ineen. Ik zie hoe de gigantisch grote olifant mij nadert. De angst trekt langzaam weg uit mijn lijf zoals een wondje siepelend het bloeden halt roept. Ik geef me over. Ik aanschouw het aanstormen van het gevaarte. Spreid mijn armen uit, mijn knieën nog altijd opgetrokken. Ik verwelkom de chaos. De adrenaline nog steeds gierend door mijn lijf, nog even en ik explodeer. Nooit eerder heb ik mij zo levend gevoeld als dit exacte moment. De oerkreet klinkt steeds luider, ik schreeuw mee. Ik laat het los. De olifant leunt op zijn achterste twee poten, de voorste poten van de grond af gebogen, de luidste oerkreet dendert nu uit zijn longen. Ik sta op, de vuisten gebald aan weerszijden, de ogen gericht op de olifant. Opnieuw een oerkreet, ditmaal uit mijn keel. Alles is losgelaten. Er bestaat geen angst meer. 

Ramen

Grote, brede ramen. Het moet maanden geleden zijn geweest dat ik de hemel zo lichtblauw heb gezien. De wolken zo wit. De vogels zo vrij. Mijn aandacht wordt getrokken door het stukje vrijheid dat vanuit het raam op mijn netvlies valt. Ik hoor allang niet meer wat er gezegd wordt. Iets met een tweeling. Een termijnecho. Een gelukkig echtpaar met hun eerste kindje op schoot, de vrouw met een bolle, zwangere buik. Kon ik ook maar zo hoog in de lucht, tussen al dat zachte wolk, vliegen zoals die grijswitte meeuw daar hoog in de horizon. Uitwaaieren in de hoge hemelen op weg naar het zuiden.

Ik loop mijn deelstage in een oud klein ziekenhuisje, waar er zo waar ramen in de spreekkamers zitten. Jawel. Geen kunstlicht maar daadwerkelijk zonlicht. Mijn aandacht en focus is ver te zoeken. Niet door de ramen. Nee, ik zit niet lekker in mijn vel. Elke dag sta ik op en ga ik met lood in mijn schoenen naar stage. Inhoudelijk is het zwaar interessant. De mensen zijn over het algemeen erg vriendelijk, een paar flinke rotte appels daar gelaten. Toch loop ik telkens tegen onbenullige, kleine dingen aan. Kleine, voor een ander simpele, dingen blijven maar bonken in mijn hoofd. Ik twijfel over alles en nog wat. Een besluiteloos hoofd in een rusteloos lichaam. En nu ik dit zo uittyp kan ik maar één ding bedenken: de fucking onzekerheid is terug.


Diepe dalen

Hij kijkt me altijd vragend aan. Wat is haar gezichtsuitdrukking? Hoe is het met haar gesteld? Wat zou er toch zijn gebeurd? Ze huilt toch zeker niet? Nooit heb ik hem horen praten, toch hoor ik wat 'ie denkt. Als hij in mijn ogen kijkt, kijk ik per slot van rekening in de zijne. De spiegel van zijn ziel. Ik weet heel goed wat ik dan zie. Een bezorgd klein broertje. Mijn broertje. Mijn broertje die inmiddels een 16-jarige kerel is. Die, als ik me weer eens in een dip bevind, zwijgzaam checkt hoe het met me gaat. Zonder woorden stelt hij mij gerust. Hoogstens een knikje en ik weet dat het goed komt.

Die berg, zou een berg niet zijn geweest als het niet omringd werd door dalen. Diepe dalen. Toch steekt daar die berg uit. Hoog en onbeweeglijk. Geen stortbui noch een donderslag heeft het ooit weten te verroeren van haar plaatst. Ik neem de aarde met al haar pracht en praal als mijn muze en typ mijn eigen peptalk bij elkaar. God waakt over me. Hij luistert en weet wat in mijn hart schuilt... ten alle tijden. Al voelt het soms alsof ik vooruit stap maar desondanks achterblijf, alsof de wereld tegen haar as in draait. Ik neem een diepe zucht, verander mijn koers en sleep mezelf vooruit. Ik. Zal. Er. Doorheen. Komen.

Le petit robe noir

Het is het epicentrum van la mode en la beauté. Het kloppend hart van creativiteit, kunst en literatuur. Gesierd door kiezelstraatjes, krappe boetiekjes en hoge appartement-gebouwen met ijzeren balkons in bloemenpatronen. De wereldstad Parijs. I came, I saw and I fell in love. Het was een 24-uur tripje, dus heb helaas niet alles kunnen zien wat ik wilde maar dat maakt dat ik des te meer spoedig weer terug wil. Ik wil deze stad uit mijn hoofd kennen. Blind kunnen struinen door de Parisienne straten. De taal machtig zijn. In een zwart-met-wit gestreept shirtje, enkel skinny jeans en suéde loafers als een echte-neppe (you see what I did there?) Parisienne deze wereldstad ontdekken en liefhebben.

Je snapt het of je snapt het niet. Niet iedereen is namelijk fan van Parijs. Sommigen noemen het de meest teleurstellende stad van Europa. Voor mij is Parijs vrijheid. Wat ik daarmee precies bedoel, snap ik ook nog niet helemaal. Maar wat ik wel weet, is dat het moment dat ik voet zette in deze voor mij betoverende stad, ik me zó ontzettend vrij voelde. Ik voelde door elke kleine mensenvezel in mij dat op dit kleine Franse stukje aarde niemand je zal veroordelen om je wie je bent of wat je doet. Dat je volledig jezelf kunt zijn. Iedereen is daar met zichzelf bezig. Er heerst een bijzondere vorm van onverschilligheid in deze wereldstad. Nobody cares, op de meest positieve manier denkbaar. Een staat waarin niets en niemand je kan breken of iets aandoen. Het zódanig zeker zijn van jezelf en wat je doet dat de mening van een ander je werkelijk waar niks doet. Het volledig en geheel content zijn met waar je op dat moment bent in jouw leven. Precies deze houding heb ik nodig om volledig te zijn wie ik wil zijn. Precies dit. Dus Parijs vergeet me niet, ik kom terug. Terug om jou door en door te leren kennen, terug om me volledig aan jou over te geven.

Ik heb gehangen bij de Eiffeltoren, maakte een selfie op Trocadéro, was verdwaald in het gigantische metrostation, stond temidden van de Gilets Jaunes Manifestation (enorme Parijs demonstratie tegen de hoge belastingen), at een intens lekkere crêpe met superveel Nutella, was nog niet vol dus nam ook een citroen merengue taart bij Brioche Dorrée aan de av. des Champs-Elysees, pakte de taxi van Rue de Babylone naar Champs de Mars, kocht een canvasdoek van een echte straatkunstenaar, bracht een bezoekje aan Le Bon Marche en verwonderde me over de vele twinkelende lichtjes, zag de Eiffeltoren schitteren tijdens de avond lichtshow en sloot de dag af met een avondwandeling langs de Seine. J'adore Paris. 

Ter reminder noem ik dan ook deze blogpost: LE PETIT ROBE NOIR. Le Petit Robe Noir, het ALLER-lekkerste geurtje dat ik ooit in mijn 22-jarig leven heb geroken. Het geurtje van de ultra Parisienne beautymerk Guerlain. Het geurtje dat ik als test-geurtje kreeg bij mijn aankoopjes van Sephora. Dit geurtje is en zal voor mij altijd een metafoor blijven voor Parijs. Het test-geurtje is inmiddels op. Ik zal moeten accepteren dat ondanks alle agressie er echt geen milliliter parfum meer uitkomt, dus zodra het even kan breng ik Ici Paris een bezoekje om de 100 ml flacon te bemachtigen. Jep, parfum is voor mij serious business. Ik kan erover praten alsof ik NASA een nieuw wiskunde model voorleg. I wish. 



-X-


S.

Let's talk about... Gossip Girl 11 jaar na dato

In de winter van 2007 keek ik als 11-jarig meisje voor het eerst de eerste paar afleveringen van de toentertijd gloednieuwe serie Gossip Girl. Ik was op slag verliefd. En zoals altijd bij mij wanneer ik een goede serie heb ontdekt, creëer ik een eigen wereld. Ik sluit me af van de realiteit en geef me volledig over aan een grote fantasiewereld zoals die wordt weergegeven door een tv-serie (of film, of boek, of liedje...). Iets met hoog-sensitief. Iets met dromer. En zo geschiedde... Gossip Girl werd mijn houvast gedurende mijn puberteit. Mijn tienerjaren. Ik keek uit naar het zien van een nieuwe aflevering. Volgde nauw alle after talks op het Girlscene forum en niet te vergeten de uitvoerige fashion analyses op diverse blogs. Serena van der Woodsen leerde me het hoe en waarom van confident zijn als puberend kind. Door haar maakte ik tevens voor het eerst kennis met Florence + The Machine, mijn favo band uit mijn jeugd (ik heb alle liedjes grijs gedraaid!!!). Blair Waldorf werd mijn mode muze en maakte een begin aan mijn oneindige liefde en passie voor Audrey Hepburn, Breakfast at Tiffany's, Tiffany & co. en niet te vergeten de mode walhalla: Parijs. Zoals Serena in seizoen 1 (aflevering 11) in alle drukte en hectiek Blair streng toesprak: Vite, vite... I parle, you marche! 

De allerlaatste aflevering keek ik in de winter van 2013, ik was toen net begonnen aan mijn examenjaar. Ik kan me nog goed herinneren dat mijn maag werkelijk in een knoop lag toen ik op play klikte om de allerlaatste aflevering te kijken (ja, play, kunnen jullie geloven dat ik Gossip Girl op DVD heb gezien? In een tijdperk VOOR Netflix :')). Die laatste aflevering... gosh, krijg er nu nog kippenvel van en een brok in mijn keel. En fin, ik dwaal af. Wat ik wil vertellen, is dat ik afgelopen week ben begonnen met het herkijken (is dat een woord? Nee hè, maar je begrijpt me) van de serie. Het is precies 5 jaar geleden dat ik de serie had afgekeken, sindsdien heb ik de serie niet meer opnieuw gekeken. En mensen, ik ben inmiddels bij aflevering 15 van seizoen 1. De outfits, de teksten, de achtergrond liedjes.... zoveel emoties komen erbij kijken. The early 00's. Een leven voor smartphones, instagram, hipsters, Kardashians en Jenners, millenials en andere cultuur indringers. Besef me nu maar al te goed hoe oud ik ben geworden. Damn guys, ik ben 22 jaar. Baby's geboren in het jaar dat Gossip Girl werd gelanceerd zijn nu brugpiepers, say what

Ik luister al de hele dag non-stop naar de soundtrack van seizoen 1 op spotify :'). Amy Winehouse, Mika (Waar is hij gebleven???), OneRepublic, Timbaland, The Pierces (de introsong van Pretty Little Liars!!!), The Pusy Cat Dolls... Ik waan me weer helemaal in 2007-2008 en I love it. Ik verdwaal graag met mijn gedachtes in het verleden om mijn stress van het heden te ontlopen, oeps confession! Ik ben van plan per seizoen een artikel te schrijven onder het mom van 'Levenslessen uit Gossip Girl'. Klinkt enorm cheezy en overdreven, maar ik vind het leuk dus ik streef ernaar om het te doen. De levenslessen van onze Upper East Siders dienen vastgezet te worden op mijn blog in case ik ooit afdwaal in het leven of als 80-jarig omaatje mijn kleinkinderen iets wijs wil meebrengen. Yes, goed verhaal dit.

Competitief

Ik ben altijd een rusteloze persoon geweest. Waren het niet mijn benen die aan het trappelen waren omdat ik weer eens wilde buitenspelen, dan wel mijn handen die weer iets in elkaar wilde knutselen, tekenen of gewoonweg schrijven. Een creatieve geest, in een star onbewogen lichaam, mag ik zo achteraf concluderen. Voor mijn gevoel was ik aan het rennen, sprinten voor mijn part, maar met mijn blik naar de hemel gericht, geen idee welke richting ik naartoe ging. Zolang ik maar vooruit kwam, vooruit en snel. Hoe, met welke kwaliteit en waar... dat maakte niet uit. Competitief is mijn eerste naam. Ik race tegen de klok, ga de concurrentie aan met anderen, en vecht tegen alles wat ik niet goed of prettig vind aan mezelf.

Want vertel me, als ik niet de beste ben, wie ben ik dan? Ik kom vooruit in het leven, omdat ik altijd de beste wil zijn op alle vlakken die mij interesseren. Ik daag ten eerste mezelf uit. Anderen in mijn omgeving hebben daar altijd op gereageerd op een zodanige manier, dat ik gevoed werd in mijn drang om de beste te zijn. Ik was een introvert, creatief meisje. Een meisje dat leefde in een grote fantasiewereld met haar denkbeeldig maatje, haar volgeschreven notitieblokjes en haar grote droom om een redacteur van een mode magazine te worden. En als dat laatste niet zou lukken, zou ik mode styliste worden. En als dat óok niet lukte, werd ik fotograaf en het liefst eentje die natuurlijk de covershoots van de mode magazines deed. Maar gedurende het opgroeien, ouder worden en alles wat daarmee samen ging, kwam ik erachter dat ik dat helemaal niet kon worden. Dat ik het me helemaal niet kon permitteren om die creatieve afslag te nemen. Als dochter van analfabeten, een vader die zijn gezondheid naar de maan had gewerkt als gastarbeider en een moeder die alles had opgegeven om haar kinderen te laten studeren.

Met die duizend-en-één-nulachterstand begon ik aan mijn schooltijd. De grap was dat ik nooit had gemerkt dat ik anders was dan andere kinderen, totdat ik richting de hogere klassen van de basisschool de verschillen ging opmerken. Geen enkel kind wil anders zijn dan zijn leeftijdsgenoten. In plaats van gewoon mijn best te doen en vooral niet teveel te piekeren, begon ik over te compenseren. Zo doorliep ik tot dusverre mijn schooltijd. Als een betweterig schoolkind, een streberige scholier en een competitieve geneeskundestudent. Ik ging dwars door alle stereotiepen heen, zette een enorme dikke streep door alle vooroordelen. Schudde het label "meisje met een migratieachtergrond" of gewoonweg "allochtoon" snel en hardhandig van me af, en creëerde een nieuwe identiteit voor mezelf. De streber.

En nu... eenmaal in de masterfase van een universitaire opleiding. Temidden van allerlei kopieën van mezelf. Een tsunami aan intelligente, competitieve studenten, arts-in-spe's. En ja, tsunami, want ik verdrink. Ik verdrink en zit tegen een identiteitscrisis aan. Wie of wat ben ik, als ik niet de beste ben? Als ik niet alle vooroordelen en stereotiepen het raam uit kan gooien om naar voren te kunnen stappen als de trotse streber? Hoe val ik op temidden van al die klonen van mij? Hoe zorg ik ervoor dat ik tussen nu en een paar jaar zodanig genoeg opval dat ik dat plekje kan innen? De toegang tot de vervolgopleiding van mijn dromen?

Ik hoop en bid dat het het waard was. Het waard om mijn creatieve geest op te geven, mijn trappelende benen te wringen in ziekenhuisklompen en mijn knutselende handen rondom mijn stethoscoop te vatten.

Een korte samenvatting van hoe het nu met me gaat

Lidia: "Y que me siento muy feliz, mucho"

      Temporada 3, Las Chicas Del Cable     Netflix

Les aardrijkskunde

Die blik, die groet
Gaat dwars door me heen
Alsof ik minderwaardig ben 
Alsof jij beter verdiend 
Alsof alleen de hoge hemelen
De voedzame delen van de aardbodem 
De warme lucht
En de felle zon
Alsof alleen jij, daar gebruik van mag maken 
Alsof de sterren alleen jouw toekomst gunstig zijn
Alsof de wereld te midden van het oneindige universum
Helemaal
Alleen
Voor
Jou
Is
Die groet is wat de wereld ziet
Maar
Het is de ondertoon, de lege blik
De apathische houding
Alsof je alles beter weet
Alsof je het middelpunt van de aarde bent
Alsof de wereld elke dag om haar as draait alleen voor jou

- Arrogant -